Klantbeoordeling 9.0/10
Nu tot 22.00 uur bereikbaar! 036 522 0342 info@ridder-letselschade.nl

036 522 0342

Bereikbaar tot 22:00!

Afspraak maken

Gratis advies gesprek

Doe de letselschadetest

Gebruik de onderstaande test om te beoordelen of u in aanmerking komt voor een letselschadeclaim. Binnen 5 min heeft u een uitslag.

Doe de test

  • Pleidooi voor Smartengeld databank

  • Verzekeraars hebben de sleutel in handen voor betere regeling van letselschade!

  • Aansprakelijkheid ouders Tristan van der V.

Geen deelgeschil na overeenkomst

29 September, 2010 16:04

De eerste uitspraak over de per 1 juli 2010 in werking getreden Wet Deelgeschillen bij Letselschade ging, hoe kan het ook anders, over de kosten van buitengerechtelijke rechtshulp, de zogenaamde BGK. De procedure werd gevoerd nadat partijen al een vastellingsovereenkomst hadden gesloten. De kantonrechter oordeelt dat hier geen sprake is van een deelgeschil in de zin van art. 1019w Rv. De wetgever gaat nadrukkelijk uit van het nemen van een beslissing waarna partijen nader onderhandelen of zo nodig procederen over de resterende beslispunten. In dit geval sloten partijen al een vaststellingsovereenkomst. Een beslissing op de in het verzoekschrift geformuleerde vordering van verzoekster om verweerder en Noordhollandsche te veroordelen tot betaling van de buitengerechtelijke kosten, kan dus niet bijdragen aan de totstandkoming van een vaststellingsovereenkomst.

Het ongeval met letsel en schade

Op 21 oktober 2008 heeft een ongeval plaats gevonden. De verzoekster heeft daarbij letsel opgelopen en schade geleden, waarvoor verweerder aansprakelijk is gesteld. Verweerder was voor het risico van wettelijke aansprakelijkheid verzekerd bij Noordhollandsche. Noordhollandsche heeft de aansprakelijkheid van verweerder erkend. Er zijn geschillen gerezen omtrent de omvang van de schade. Daarover hebben partijen gediscussieerd. Partijen hebben een vaststellingsovereenkomst gesloten in het kader waarvan verzoekste verweerder en Noordhollandsche finale kwijting heeft verleend voor de als gevolg van het ongeval geleden schade. Het contract is op 1 respectievelijk 4 juni 2010 ondertekend door verzoekster en Noordhollandsche. Artikel 5 van de overeenkomst luidt: "De redelijke kosten van rechtsbijstand ex artikel 6:96 lid 2 sub b en c BW maken geen onderdeel uit van deze overeenkomst. Die kosten worden separaat afgewikkeld".
De kosten van rechtsbijstand bedragen € 2.806,55. Verweerder en Noordhollandsche willen deze schadepost niet volledig erkennen.

Wet Deelgeschillen bij letselschade

De regeling van de deelgeschilprocedure is bedoeld om de afhandeling van letsel- en overlijdensschadeclaims in het buitengerechtelijke traject te bevorderen en partijen een instrument te geven om een impasse in de buitengerechtelijke onderhandelingen te doorbreken. Op grond van artikel 1019w kan aan de rechter een verzoek worden gedaan om te beslissen over een geschil omtrent of in verband met een deel van hetgeen er zake tussen hen rechtens geldt en waarvan de beëindiging kan bijdragen aan de totstandkoming van een vaststellingsovereenkomst over de vordering als bedoeld in artikel 1019x, derde lid, onder a.

In dit geval sloten partijen al een vaststellingsovereenkomst. Een beslissing op de in het verzoekschrift geformuleerde vordering van verzoekster om verweerder en Noordhollandsche te veroordelen tot betaling van de buitengerechtelijke kosten kan dus niet bijdragen aan de totstandkoming van een vaststellingsovereenkomst.

Dat het niet de bedoeling van de wettelijke regeling is dat wordt beslist op een verzoek als het door verzoekster gedane verzoek blijkt ook wel uit de artikelen 1019bb gezien in samenhang met artikel 1019cc Rv. Hoger beroep tegen de in het kader van een deelgeschil gegeven beslissing is uitgesloten. Slechts nadat in principale is geprocedeerd over het geschil met betrekking tot de geleden letselschade dat partijen verdeeld houdt, kan van een beschikking op grond van de deelgeschilregeling hoger beroep worden ingesteld. De wetgever gaat dus heel nadrukkelijk uit van het nemen van een beslissing waarna partijen nader onderhandelen of zo nodig procederen over de resterende geschilpunten.

Het verzoek wordt dus afgewezen.

Terug